Nieuws

De keuze tussen mais of agrarisch natuurbeheer

Henny Hemmink woont op een prachtige plek op het platteland van Daarlerveen, waar ze aan huis haar D.G. Kwekerij runt, met siergrassen, vaste planten en bijbehorende siertuin. Sinds drie jaar vult een wintervoedselakker deze natuurlijke rijkdom verder aan. ‘We willen ons stukje land van tweeënhalve hectare graag teruggeven aan de natuur”, aldus Henny.

Genietend kijkt Henny rond in haar ruime, mooi aangelegde achtertuin. Als plantenliefhebber plantte ze er veel bijzondere soorten. Zo is het, in de warmte van begin augustus, goed toeven in de schaduw van aparte bomen zoals de pindakaasboom, die nu zoetgeurend bloeit, maar zijn naam dankt aan het feit dat het gekneusde blad naar pindakaas ruikt. De siertuin, een eindje verderop, staat vol bloemen en manshoge siergrassen; het is één weelderige, kleurige jungle. Een wintervoedselakker van anderhalve hectare omringt dit geheel. “Ik word altijd blij als ik rondkijk en alle bijen en insecten zie vliegen!”, zegt Henny met een glimlach.

Van hobby tot werk

Henny begon in 2013 uit liefhebberij haar kleinschalige kwekerij. “Ik ben boerendochter en heb aan de HAS gestudeerd maar had daarna 20 jaar een kantoorbaan. Tuinieren was altijd mijn hobby. Toen mijn kinderen naar de middelbare school gingen en mijn kantoorbaan eindigde, zag ik een kans om van mijn hobby mijn werk te maken: ik begon zelf siergrassen te stekken. Het eerste jaar stekte én verkocht ik 1000 planten. Ik vond – en vind – het heel leuk om te doen. In de jaren erna groeide de kwekerij geleidelijk uit tot de huidige vorm. Dat betekent dat ik twee dagen per week open ben en de andere dagen tuinonderhoud en opkweek doe. Ik doe alles zelf en dat wil ik ook zo houden”, legt Henny uit. “De kwekerij hoeft niet groter te groeien. Het is precies goed zo!”

Makkelijke planten

Henny: “Ik koos voor siergrassen omdat ik het leuke producten vind. Er bestaan veel verschillende soorten en ze zijn makkelijk te onderhouden. Ik hoef, op incidenteel wat slakkenkorrels bij de kleine plantjes na, geen chemische middelen te gebruiken. De bijpassende vaste planten zoals Verbena, Echinacea, Persicaria, Helenium, echte bijen- en vlindertrekkers, kwamen er later bij. Deze kweek ik op of koop ik in bij telers in de buurt. Mijn klanten zijn liefhebbers die zoeken naar speciale planten die bij de grote tuincentra niet te koop zijn.”

Vorm, voedsel en habitat

Siergrassen behouden in de winter hun vorm. Dat heeft meerdere voordelen. “Het staat mooi in een tuin. Maar het betekent óók dat de grassen jaarrond een leefgebied vormen voor vele insecten en spinnen. Ook egels leven eronder en vogels pikken in de winter de graszaden weg. De wintervoedselakker en de siertuin vullen elkaar qua biodiversiteit mooi aan”, aldus Henny.

Herstel van het landschap

Het idee voor de wintervoedselakker ontstond drie jaar geleden. “Toen konden we het aan de tuin grenzende weiland kopen”, vertelt Henny. “We wilden van dat kale weiland graag een klein paradijs maken, passend in het landschap. Vroeger stonden er veel houtwallen in dit gebied. Daarom hebben we een singel aangeplant. Op een natte hoek van het land besloten we een grote vijver aan te leggen, waar nu veel libellen, kikkers en zelfs een ijsvogel leeft. We hebben een paar geiten, kippen en een moestuin. Ook planten we momenteel veel bomen. Eigenlijk bedenk ik elk jaar wel weer een nieuw ‘project’, los van de kwekerij. Zo ben ik nu aan het experimenteren met verschillende soorten bamboe, wat een bijzonder effect geeft in de tuin.”

Mais of natuurbeheer

“De anderhalve hectare die overbleef, overwogen we te verhuren voor maisteelt. Maar toen we achter het bestaan van het ANLb kwamen, was de keuze voor een wintervoedselakker snel gemaakt. Beide opties zouden evenveel geld opbrengen. Maar meer biodiversiteit op ons land creëren, vonden we natuurlijk verreweg het leukste! We hebben als Nederlanders al zoveel genomen van de aarde, bijvoorbeeld door té intensieve vormen van landbouw. Al lukt het maar om één koppeltje patrijzen en een ree een leefgebied te bieden op ons land, dan is het ons de moeite al waard. We geven graag zoveel mogelijk van onze grond terug aan de natuur. Dat is onze grootste drijfveer. Het geeft ons een goed gevoel, en daarnaast genieten we er natuurlijk zelf erg van de natuur.”

Patrijzen trekken naar wintervoedselakker

De aanleg van de wintervoedselakker is niet zonder resultaat. “De patrijzen zaten al tegen het dorp aan maar trekken nu ook onze kant op. We zien veel reeën. Eentje woont inmiddels permanent achter op het land. Ook konijnen, hazen, fazanten, putters, vele insecten en andere soorten weten hun weg te vinden naar ons land”, aldus Henny. De siertuin speelt haar eigen rol in deze toenemende biodiversiteit. “We laten alle planten de hele winter staan. Pas in maart snoeien we alles en ruimen we de resten op. Vervolgens komen alle planten in april alweer tot leven. Gelukkig wordt deze natuurlijke manier van tuinieren tegenwoordig steeds meer gemeengoed.”

Ambassadeur voor het ANLb

Als ze de kans krijgt, speelt Henny graag de rol van ambassadeur voor agrarisch natuurbeheer. “Er komen hier regelmatig groepen tuinliefhebbers op tuinbezoek. Ik kan het nooit laten ze op een zeker moment attent te maken op de wintervoedselakker. Er ontstaan dan leuke gesprekken. Mensen kennen het meestal niet. Als ik uitleg dat het niet gemaaid wordt, vinden ze dat in eerste instantie raar, want dat staat rommelig in de winter. Je ziet de radartjes bijna draaien in de hoofden van de mensen. Als ze uiteindelijk snappen wat het doel is van de wintervoedselakker en hoe het werkt, dan worden ze heel enthousiast. Ik krijg alleen maar positieve reacties! Ik vind het leuk bij mensen op deze manier kennis te laten maken met agrarisch natuurbeheer.”

 

Meer nieuws